Home » Frettenziektes

Frettenziektes

banner20thea2-4.jpeg

Epizoötische Catharrale Enteritis: oftewel E.C.E. is een virusziekte die in 1993 werd ontdekt bij een frettenpopulatie in de Verenigde Staten. Epizoötische wil zeggen besmettelijke ziekte die onder de dieren heerst. Catharrale staat voor slijmerige ontsteking van het slijmvlies en Enteritis is een darmvliesontsteking. 

Hoe raakt de fret besmet met E.C.E.

Besmetting vindt plaats via rechtstreeks contact met de uitwerpselen van een besmet dier maar ook is dit E.C.E.-virus via de kleding en de handen van de mensen overdraagbaar. De fret draagt ongeveer acht maanden het E.C.E. virus met zich mee.
Mocht deze ziekte uitbreken in de frettenpopulatie dan zullen alle fretten ziek worden. De afloop voor de meeste fretten is gunstig: slechts twee procent van hen sterft hieraan.
Het verloop van de ziekte E.C.E bestaat uit vier fases.
Fase 1: De uitbraak
Mocht een fret in aanraking komen met een besmet dier dan worden ze na twee dagen ziek en vertonen ze de volgende symptomen:
Een korte maar zeer heftige braakperiode
Na het braken vertoont de ontlasting een waterige, slijmerige groene of gele diarree. Daarom wordt E.C.E. ook wel de groene slijmziekte genoemd.
Fase 2: Blaasjes in de ontlasting
Naast eventuele blaasjes in de ontlasting heeft de fret last van gele diarree.
Fase 3: Ontstoken darm
De ziekteverschijnselen die kunnen optreden tijdens fase drie zijn:
Gele ontlasting
Voedsel wordt niet goed verteerd
Ontlasting bevat zaadjes, die aangeven dat er een ontsteking is in de darm.
Fase 4: Weigeren van eten
De fret is lusteloos en eet niet meer doordat hij zweren in zijn mond en slokdarm heeft.
De behandeling tegen het E.C.E.-virus
Een behandeling tegen het E.C.E.-virus bestaat uit vochttoediening en een antibioticakuur. Daarnaast moet de fret die te zwak is om zelf te eten worden gevoed. Voor virussen bestaan geen geneesmiddelen. Door jouw verzorging en vooral het geven van voldoende water en voedsel heeft de fret een grote kans dat hij er bovenop komt.

Teken:
Beste allemaal,
Het is mij niet bekend dat fretten de ziekte van Lyme kunnen krijgen. Er is geen onderzoek naar gedaan. Er is ook geen wetenschappelijke literatuur over.
Met vriendelijke groeten,
Hanneke Moorman, frettendierenarts
Frettenkliniek "Brouwhuis"

Verkoudheid:
Fretten kunnen de griep krijgen van mensen. Meestal duurt het een week. Als ze erg ziek zijn kan een antibiotica kuur uitkomst bieden.
Met vriendelijke groeten,
Hanneke Moorman, frettendierenarts.

 

Helicobacter mustelae:
De Helicobacter zit in de maag van vrijwel elke fret. Heeft een fret veel last van stress (bijvoorbeeld door verandering van groepssamenstelling of na een operatie)? Dan kan deze bacterie voor problemen gaan zorgen. Dit kan ook het gevolg zijn van verkeerde voeding (voeding met veel plantaardige bestanddelen).
Symptomen: de bacterie veroorzaakt een maagontsteking, een maagzweer en kan
zelfs de dood tot gevolg hebben.
Behandelmethode: Klacid suspensie (antibioticu), Synulox tabletten, Omeprazole,
Sucralfaat (beschermd maagslijmvlies).
Eventueel A/D van Hill's of Waltham Feline Convalescene support (concentration instant). 

Haaruitval:
Haaruitval kan verschillende redenen hebben.
Niet altijd hoeft u hierbij aan het ergste te denken.

Stronghold:

Een fretje hoef je niet standaard te ontwormen.
Stronghold is prima tegen oormijt.
Veel fretten hebben last van oormijt!
Stronghold werkt echtre ook tegen wormen.
Je mag dus Stronghold geven maar als het alleen voor wormen doet is het eigenlijk niet nodig.
 

Normaal is:

  • 2x per jaar de rui
  • Haaruitval bij moertjes ca 1-2 weken voor de bevalling

U kunt hieraan iets doen:

  • Kale staart (veelal ook rond de ruitijd vooraf gegaan door een ¨vieze¨ staart (huid op de staart is zwart van de acné)
  • Haaruitval bij loopse moertjes die niet gedekt zijn.
  • Haaruitval als gevolg van vlooien, schimmels e.d.

Zorgwekkend is:

  • haaruitval over het gehele lijf al dan niet met huiduitslag

Maakt u zich zorgen?
Raadpleeg dan een dierenarts.
Voorkomen is altijd beter dan genezen.
Schimmels zijn besmettelijk voor andere huisdieren en u zelf en hieraan kan iets gedaan worden.

Insulinoom is een van de meest voorkomende tumor bij fretten. Een fret met insulinoom heeft kanker in de pancreas (alvleesklier), tumoren in de cellen die insuline aanmaken. Door deze tumoren wordt er teveel insuline aangemaakt. Dit veroorzaakt een ziekte tegenover gesteld aan Insulinomen:
diabetes
. Bij diabetes is het suikergehalte in het bloed te hoog door een tekort aan insuline.

De fret krijgt door deze overmatige aanmaak van insuline, hypoglycemia. Hypoglycemia wordt veroorzaakt als het lichaam niet genoeg suiker heeft om te kunnen functioneren.

Een fret krijgt meestal na de leeftijd van twee jaar last van deze ziekte, maar is vaker voorkomend bij fretten van 5 jaar en ouder. Ook lijkt het vaker voor te komen bij mannetjes. Het komt geregeld voor dat de ziekte lang onopgemerkt blijft omdat het lichaam van de fret het bloedsuiker niveau zal trachten in stand te houden.

De symptomen:

  • Aan de bek krabben en overmatig kwijlen
  • Gewichtsverlies
  • Spierverzwakking, door spierzwakte valt het achterlijf om.
  • Weinig energie en veel slapen
  • Lethargie (fret zit zomaar wat voor zich uit te staren)
  • Overgeven
  • Trillen
  • Toevallen
  • Coma

Als de fret meerdere van bovengenoemde verschijnselen vertoont dan is een bezoek aan de dierenarts aan te raden. Helaas blijken veel fretten pas op het laatste moment (toevallen, coma) blijk te geven van de ziekte.

Bijnier tumoren (adrenal disease):

Allereerst een waarschuwing vooraf, veel fretten verliezen in de zomermaanden het haar op hun staart, dit is echter een veel voorkomend verschijnsel en zolang de haaruitval tot de staart beperkt blijft is er niets aan de hand.

Bijnier tumoren komen nogal eens voor bij fretten, schattingen van 30% tot 40% bij wat oudere fretten in de leeftijd van 3 tot 6 jaar. De bijnieren zijn twee kleine organen die dicht bij de nieren zitten. Ze maken hormonen aan die belangrijk zijn voor de stofwisseling en produceren adrenaline.

Bij ouder wordende fretten ontstaan goed- of kwaadaardige tumoren aan de bijnieren. De bijnieren gaan nu een te grote hoeveelheid hormonen produceren en onze fret wordt ziek.

De symptomen:

    . Kaalheid, vanaf de staartbasis (lees boven) verliest de fret al het haar.

  • Dunne vacht, verlies van plukken haar.
  • Gezwollen vulva bij een gecastreerd vrouwtje.
  • Seksueel gedrag bij gecastreerde mannetjes.
  • Lethargie (fret zit zomaar wat voor zich uit te staren)
  • Geen eetlust en gewichtsverlies
  • Veel drinken en plassen
  • Veel jeuk en krabben
  • Moeilijk plassen bij mannetjes fretten (andere oorzaak is blaasgruis)

Naast deze zijn er nog een paar, maar die zijn wat moeilijker te zien (bijv. verhoogde bloeddruk). Een fret hoeft zeker niet al deze verschijnselen te hebben, haaruitval komt echter in bijna 90% van de gevallen voor.

De diagnose:

De diagnose is in veel gevallen te stellen door alleen naar de fret te kijken, heeft het diertje een of meerdere symptomen en is het geheel kaal, dan ligt het voor de hand dat het bijnier tumoren zijn. Er is geen goede manier om een diagnose te stellen, een kijkje in de buik van de fret (met echoscoop) kan soms de tumoren zichtbaar maken. De uiteindelijke diagnose wordt meestal gesteld na een kijkoperatie in de buik, er wordt dan ook gelijk wat aan het probleem gedaan.

Behandeling:

De behandeling bestaat uit het operatief verwijderen van de aangetaste bijnier. Ook als het verwijderen niet geheel mogelijk is, kan het fretje nog een tijdje een aardig leventje hebben (maar wel kaal) De ziekte verloopt namelijk erg langzaam. Na een geslaagde operatie verdwijnen de ziekteverschijnselen snel. In Amerika lijkt, in plaats van een operatie, een behandeling met Lysodren een goed resultaat te hebben. Een tweetal andere medicijnen worden nog getest.

De oorzaak van bijnier tumoren is nog onbekend, sommige denken dat vroegtijdige castratie de oorzaak is. Andere dat het blootstellen aan kunstlicht (dus verlenging van het daglicht), waarop het voortplantings mechanisme werkt, de oorzaak is. Een derde theorie dat veel stress de oorzaak zou zijn. De ziekte blijkt ook vaak in combinatie met insulinomen voor te komen.

Injecties met Lupron: De beste behandeling van een bijnierprobleem is de (levenslange) behandeling met injecties Lupron. Dit hormoon heeft een remmende werking op de afgifte van hormonen door de hypothalamus. Dit resulteert uiteindelijk in een remming van de afgifte van geslachtshormonen door de bijnieren. Alle symptomen verdwijnen en de fret wordt weer speels, krijgt weer haren en is weer als vanouds. Het middel is volkomen veilig. Alleen als de bijnier al dermate is ontaard dat hij zelfstandig de geslachtshormonen kan gaan produceren, helpt Lupron niet meer. Maar als op tijd wordt begonnen met deze injecties, is het uitermate effectief. Een groot voordeel is dat hierdoor beide bijnieren "rustig" worden gehouden. Een ander voordeel is dat er niet meer hoeft te worden geopereerd. Lupron wordt via een injectie gegeven en na 3 maanden herhaald. Daarna wordt het na 4 maanden herhaald en vervolgens wordt elke 5-6 maanden een onderhoudsinjectie gegeven. De langwerkende Lupron injectie (er bestaat ook een kortwerkende die elke maand herhaald moet worden) is tot op heden in Europa helaas alleen nog slechts verkrijgbaar in de Frettenkliniek.
Chirurgie: Chirurgie van de bijnier wordt in de Frettenkliniek alleen nog maar gedaan als Lupron onvoldoende effect geeft. Of als er een andere reden is om te opereren (bv het tevens aanwezig zijn van insulinomen). Het is niet mogelijk om beide bijnieren te verwijderen! Het is belangrijk dat deze operatie alleen wordt uitgevoerd door hierin gespecialiseerde dierenartsen welke over de juiste kennis en speciaal instrumentarium beschikken. De rechter bijnier zit namelijk vast aan de achterste holle ader. Het verwijderen van deze bijnier is een moeilijke procedure en kan bij onvoldoende ervaring of onjuiste chirurgietechniek tot dodelijke bloedingen of onvoldoende wegname leiden
 
Cardiomyopathie:

Cardiomyopathie is het meest voorkomende hartprobleem bij fretten en treed op bij de al wat oudere fret (vanaf 3-4 jaar) Het spierweefsel in het hard wordt dunner en rekt uit. Hierdoor kan het hart niet goed meer functioneren. De bloedtoevoer naar de spieren en organen neemt af en het bloed kan terugstromen in de aderen van het hart. Er is een ophoping van vocht in het lichaam door een slechte bloedaanvoer voor de nieren en longen.

De symptomen:

  • Moeilijk ademhalen
  • Kuchen en hoesten
  • Hartritme stoornis
  • Lethargie
  • Vaak rusten tijdens spelen
  • Lage lichaamstemperatuur
  • Dikke buik (vocht)
  • Gezwollen benen en voeten (vocht)
  • Gezwollen lever/milt

De diagnose:

wordt gesteld door röntgen en ultrasound. Soms wordt een ECG gebruikt. Op een röntgenfoto lijkt het hart groter omdat er delen van zijn verwijd.

Behandeling:Er is geen genezing mogelijk, een fret krijgt medicijnen die hij de rest van zijn leven zal moeten blijven gebruiken. Welk medicijnen dat zijn is afhankelijk van het stadium en de aanwezigheid van andere ziekte. Vaak wordt een combinatie van meerdere medicijnen gebruikt. Soms wordt het overtollige vocht onder verdoving verwijderd, de fret kan dan weer wat gemakkelijker ademhalen. In een vroeg stadium ontdekt kan de fret op medicijnen nog een aantal jaar een goed leven lijden.Een fret die aan deze ziekte lijd moet het een beetje rustiger aan gaan doen, veel rusten (maar toch ook bewegen) en zoveel mogelijk stress proberen te vermijden.

Wormen en andere inwendige parasieten:

Onze fretten zijn gelukkig niet echt gevoelig voor wormen. Met andere woorden een fret heeft zelden last van wormen. Maar zelden is niet gelijk aan nooit. Een fret kan besmet raken door contact met in het wild levende dieren, contact met ontlasting van katten en honden en via de voeding, het eten van besmet voedsel. Wormen en andere darmparasieten zijn moeilijk te herkennen, vaak is de enige manier de microscoop. De meest voorkomende problemen bij deze infecties zijn: buikkrampen, diarree en vermageren. Het is dan belangrijk dat een dierenarts de ontlasting van de fret onderzoekt. Lintwormen zijn vaak te herkennen aan kleine witte deeltjes in de ontlasting en rond de anus, ze bewegen vaak nog. Spoelworm, Lintworm en Haarworm zijn de meest voorkomende worminfecties.

Veel worminfecties kunnen ook de mens besmetten, enige voorzichtigheid is dus wel geboden. Gelukkig zijn de meeste infecties goed te behandelen. Voor hond en kat wordt vaak aangeraden preventief te behandelen, voor een fret kan dit natuurlijk ook, maar echt noodzakelijk is het niet. Er zijn verschillende middelen die goed werken in de handel, maar ik verwijs hiervoor graag door naar een goede dierenarts met verstand van fretten.

Diaree en braken komt regelmatig voor bij fretten. De oorzaken zijn vaak niet zo bijzonder, zich verslikken in een frettenbrokje. Een verstopt en bedorven snoepje opeten. Zich gewoon een dagje niet lekker voelen. Niet ernstig dus.

Het wordt ernstiger als de fret diaree blijft houden, eventueel bloederige of zwarte ontlasting, geen eetlust heeft, sloom is. Fretten die diaree hebben, moeten goed in de gaten gehouden worden, zeker als de fret ook geen eetlust heeft. Een fret droogt snel uit zorg dat hij voldoende water krijgt en ga snel naar een dierenarts. De hieronder vermelde parasieten en bacteriën veroorzaken niet altijd symptomen bij de fret, de fret is echter wel een besmettingsbron voor andere. Bij een behandeling is het vaak nodig om ook de overige fretten te behandelen en zelfs andere huisdieren.

Helicobacter:
Helicobacter mustelae is een vervelende bacterie die in de maag van fretten voorkomt. Het is een veelvoorkomende bacterie, vrijwel elke fret krijgt het. Besmetting vind vaak plaats op jonge leeftijd en door uitwerpselen.
De fret heeft meestal weinig last van deze bacterie die een maagontsteking of maagzweer kan veroorzaken. Een enkele keer neemt het echter ernstigere vormen aan. Vaak veroorzaakt door verzwakking als gevolg van een ander ziekten of stress. De fret eet niet of slecht en vermagerd. Ze kunnen tekenen van misselijkheid vertonen, dit is te merken aan het tanden knarsen, en braken. Diaree en zwarte ontlasting (is ontlasting vermengd met bloed) zijn andere symptomen. Bij een eventuele maagzweer worden de dieren nog zieker. De behandeling bestaat uit bepaalde antibiotica en maagzuurremmers.
Coccidiosis:

Coccidiosis wordt veroorzaakt door een parasiet in de darmen. Ook hier vind de besmetting plaats via ontlasting. De diagnose kan gesteld worden door ontlasting onderzoek. Echter niet in elk poepje zal de parasiet voorkomen. Coccidiosis kan ook voorkomen bij honden en katten.
De parasiet veroorzaakt diaree met slijm en bloed, de fret eet slecht en er kan gewichtsverlies optreden. Vooral pups zijn gevoelig voor de parasiet.
De behandeling is eenvoudig maar dient wel bij alle aanwezige fretten en liefst ook honden en katten te worden toegepast, niet elke fret die Coccidiose heeft wordt namelijk ziek.
Toxoplasmose:
Infectie met toxoplasmose geeft darmklachten die lijken op coccidiose, maar ook problemen in andere organen omdat toxoplasmose zich niet beperkt tot de darmen, maar ook in lever, nieren, milt en hersenweefsel kan voorkomen. Besmettingsbronnen zijn oa. Besmette katten.
Deze parasiet kan ook besmettelijk zijn voor mensen via de ontlasting van fretten en katten. Diagnose kan plaats vinden via een bloedtest. De behandeling is lastig maar wel mogelijk.
Lintworminfecties:
Lintwormen geven niet echt ziekteverschijnselen, maar vaak zijn “rijstekorrels” of nog bewegende witte lintwormdeeltjes in de ontlasting zichtbaar. Bij ernstige besmetting kunnen de fretten buikkrampen en buikklachten krijgen als gevolg van verstopping van de darmen door grote hoeveelheden wormen. De infectie is goed behandelbaar.
Spoelworminfectie:
Bij fretten komen dezelfde soorten voor als bij honden en katten. Bij ernstige besmetting zien we buikklachten, krampen en vermagering, soms diaree. Deze wormen zijn ook besmettelijk voor mensen.

Haarworminfectie:

Haarwormen zijn parasieten die voor kunnen komen in het darmkanaal en de longen. Besmetting komt vaak door kontact met in het wild levende dieren. Ook deze worminfectie is goed behandelbaar.